# Semaglutide geeft geen verhoogd risico op pancreaskanker: Scandinavische registerstudie met bijna 100.000 gebruikers

*geplaatst 2026-09-29 · Algemeen · EASD 2026 (LBA 35) · https://hartvaat.nl/2026/09/29/semaglutide-geeft-geen-verhoogd-risico-op-pancreaskanker-scandinavische-register/*

Milaan, dinsdag 29 september. Sinds de eerste GLP-1-agonisten op de markt kwamen, hangt er een vraag boven de klasse: verhogen ze het risico op alvleesklierkanker? Het vermoeden kwam uit vroege meldingen van bijwerkingen, uit knaagdierstudies met veranderingen in het pancreasweefsel en uit het bekende, zeldzame verband met acute pancreatitis. Bij de registratie van semaglutide eisten de toezichthouders daarom een veiligheidsstudie na markttoelating. De uitkomst wordt vrijdag als late-breaker (LBA 35) op EASD 2026 gepresenteerd door Anton Pottegård (University of Southern Denmark); EASD maakte de resultaten deze week al bekend.

## De studie

De onderzoekers gebruikten de landelijke gezondheidsregisters van Denemarken, Zweden en Noorwegen. Ze vergeleken 97.464 nieuwe gebruikers van semaglutide voor type 2-diabetes met gematchte nieuwe gebruikers van middelen zonder incretinewerking: sulfonylureumderivaten, SGLT2-remmers of insuline. Deelnemers moesten in het eerste jaar minstens twee recepten hebben opgehaald, en de follow-up begon pas een jaar na de start, om kankers uit te sluiten die al aanwezig waren. De mediane leeftijd lag tussen 59 en 62 jaar. De studie is gefinancierd door Novo Nordisk, de fabrikant van semaglutide.

## De uitkomsten

- Er traden 131 pancreaskankers op bij semaglutidegebruikers en 123 in de vergelijkingsgroep, over 167.399 en 140.306 persoonsjaren.
- De incidentie was vergelijkbaar: 0,64 tot 0,91 per 1.000 persoonsjaren bij semaglutide, 0,80 tot 0,98 in de vergelijkingsgroep.
- De gepoolde hazard ratio was 0,91 (95%-BI 0,71 tot 1,16), het absolute verschil -0,10 per 1.000 persoonsjaren.
- Er was geen dosis- of duureffect (hoge dosis HR 0,74; lange gebruiksduur HR 0,79), en de uitkomst was in alle drie de landen gelijk.

## Duiding

Dit is een goed opgezette studie: een actieve vergelijkingsgroep in plaats van niet-gebruikers, nieuwe gebruikers in plaats van langdurige, een wachttijd van een jaar en drie landen die elk hetzelfde laten zien. Het past bij het bestaande bewijs uit trials en eerdere cohortstudies. De belangrijkste beperking is de duur: na de wachttijd werden deelnemers gemiddeld maar anderhalf tot bijna twee jaar gevolgd, terwijl pancreaskanker zich over veel langere tijd ontwikkelt. De financiering door de fabrikant hoort bij een door de toezichthouder opgelegde studie en is transparant gemeld.

## Wat betekent dit voor de praktijk

Voor de huisarts, internist en apotheker die de vraag van patiënten krijgt, is dit een helder antwoord voor de korte en middellange termijn: er is geen aanwijzing voor een verhoogd risico op alvleesklierkanker door semaglutide bij type 2-diabetes. Voor gebruik over tien jaar en langer blijft doorlopende registratie nodig.

## Lees ook

- [FLOW: semaglutide beschermt nieren bij type 2-diabetes en CKD](article:4b3b7465d8a0)
- [GLP-1- en dual-receptoragonisten: nieuwe consensus over toepassing bij type 2-diabetes](article:924c96dc3ecd)
- [Alle EASD 2026-berichten op onze congrespagina](/congres/easd-2026/)

## English: Semaglutide is not associated with increased pancreatic cancer risk: Scandinavian registry study of nearly 100,000 users

Regulator-mandated post-authorisation safety study, funded by Novo Nordisk, to be presented as late-breaker LBA 35 at EASD 2026 by Anton Pottegård (University of Southern Denmark). Active-comparator new-user cohort in the nationwide registries of Denmark, Sweden and Norway: 97,464 new users of semaglutide for type 2 diabetes versus matched new users of sulfonylureas, SGLT2 inhibitors or insulin, follow-up starting one year after initiation. There were 131 versus 123 pancreatic cancers over 167,399 and 140,306 person-years; pooled HR 0.91 (95% CI 0.71 to 1.16), incidence rate difference -0.10 per 1,000 person-years. No dose-response or duration-response (high dose HR 0.74; long duration HR 0.79). Follow-up after the lag period was short (1.4 to 1.85 years on average).

Auteurs: Pottegård A, et al.

---
Bron: EASD 2026 (LBA 35). Bijgewerkt 2026-09-29T09:11:09Z. Citeer vrij, met bronvermelding en een link naar hartvaat.nl (de url van het record). Samenvattingen zijn redactioneel werk van HartVaat; de oorspronkelijke publicaties blijven van hun uitgevers (doi). Geen medisch advies.
