{"id":"chadsvasc-score","type":"kennis","url":"https://hartvaat.nl/kennis/atriumfibrilleren/chadsvasc-score/","title":"CHA₂DS₂-VASc-score: berekening en klinisch gebruik","kind":"Diagnostiek","group":"atriumfibrilleren","group_label":"Atriumfibrilleren","category":"atriumfibrilleren","meta_description":"De CHA₂DS₂-VASc score bepaalt het beroerterisico bij atriumfibrilleren en stuurt de anticoagulatienoodzaak. Leer de berekening, interpretatie en de rol van vrouwelijk geslacht.","intro":"De CHA₂DS₂-VASc score is het internationaal gevalideerde instrument voor risicostratificatie van beroerte bij atriumfibrilleren. De score bepaalt de noodzaak voor orale anticoagulatie, de meest impactvolle preventieve interventie bij AF. Kennis van de individuele risicofactoren en hun gewicht is essentieel voor iedere clinicus die AF-patiënten behandelt.","key_terms":[{"term":"CHA₂DS₂-VASc","definition":"Beroertescore bij AF: Congestive HF, Hypertensie, Age ≥75 (2p), Diabetes, Stroke/TIA (2p), Vascular disease, Age 65–74, Sex category female. Maximum 9 punten."},{"term":"CHADS₂","definition":"Voorganger van CHA₂DS₂-VASc: 6 punten, minder risicofactoren. Minder goed gecalibreerd voor laagrisicopatiënten."},{"term":"Anticoagulatiedrempel","definition":"ESC 2024: anticoagulatie aanbevolen bij score ≥2 (mannen) of ≥3 (vrouwen); overwegen bij score 1 (mannen) of 2 (vrouwen)."},{"term":"Vrouwelijk geslacht als risicofactor","definition":"Vrouwelijk geslacht is een risicoversterkende factor, geen zelfstandige indicatie; anticoagulatie bij score 2 (vrouw) alleen als ook één andere RF aanwezig."},{"term":"Jaarlijks beroerterisico","definition":"Score 0 (man): ~0%; score 1: ~1,3%; score 2: ~2,2%; score 3: ~3,2%; score 4: ~4,0%; score 5: ~6,7%; score 6+: oplopend tot >10%/jaar."}],"heading":"CHA₂DS₂-VASc-score: berekening, interpretatie en klinisch gebruik","body_markdown":"## Berekening van de score\n\nTel de punten op:\n\n- C: congestief hartfalen of LV-disfunctie (EF <40%): 1 punt.\n- H: hypertensie (ook behandelde hypertensie): 1 punt.\n- A₂: leeftijd ≥75 jaar: 2 punten.\n- D: diabetes mellitus: 1 punt.\n- S₂: eerder doorgemaakte beroerte, TIA of systemische arteriële embolie: 2 punten.\n- V: vasculaire ziekte (anamnestisch MI, perifeer arterieel vaatlijden of aorta-atherosclerose): 1 punt.\n- A: leeftijd 65–74 jaar: 1 punt.\n- Sc: vrouwelijk geslacht: 1 punt.\n\n## Interpretatie en behandeldrempel\n\nESC 2024-aanbevelingen:\n\n- Score 0 (mannen) of 1 (vrouwen): geen anticoagulatie — risico te laag.\n- Score 1 (mannen) of 2 (vrouwen): overweeg anticoagulatie (klasse IIa) — individuele afweging.\n- Score ≥2 (mannen) of ≥3 (vrouwen): anticoagulatie aanbevolen (klasse I).\n\n## Rol van vrouwelijk geslacht\n\nVrouwelijk geslacht verhoogt het absolute beroerterisico bij gelijke andere factoren, maar geeft geen zelfstandige anticoagulatienoodzaak bij score 1 (= alleen vrouwelijk geslacht). Anticoagulatie bij vrouwen met score 2 is alleen zinvol als die 2 punten niet uitsluitend door vrouwelijk geslacht worden bereikt.\n\n## Modificeerbare risicofactoren\n\nHypertensie: behandeling verlaagt het absolute beroerterisico significant — de CHA₂DS₂-VASc score verandert niet, maar het absolute risico per punt daalt. Bloeddrukregulatie is onderdeel van upstream-therapie bij AF. Nieuw in ESC 2024: ook verhoogde BMI, obstructieve slaapapneu en sedentariteit worden erkend als modificeerbare risicofactoren voor AF-progressie en mogelijk beroerterisico.","related":["https://hartvaat.nl/kennis/atriumfibrilleren/af-en-beroerte/","https://hartvaat.nl/kennis/atriumfibrilleren/hasbled-score/","https://hartvaat.nl/kennis/atriumfibrilleren/wat-is-atriumfibrilleren/","https://hartvaat.nl/kennis/atriumfibrilleren/esc-richtlijn-af-2024/"],"sources":[{"label":"ESC 2024 AF Guidelines","url":"https://doi.org/10.1093/eurheartj/ehae272"},{"label":"ARISTOTLE — NEJM 2011","url":"https://doi.org/10.1056/NEJMoa1107039"},{"label":"NHG-Standaard Atriumfibrilleren","url":"https://richtlijnen.nhg.org/standaarden/atriumfibrilleren"}],"articles":[{"url":"https://hartvaat.nl/2026/08/20/deep-learning-op-mobiele-ecg-voorspelt-atriumfibrilleren-binnen-30-dagen/","title":"Deep learning op mobiele ECG voorspelt atriumfibrilleren binnen 30 dagen","published":"2026-08-28"},{"url":"https://hartvaat.nl/2026/06/01/vis-score-voorspelt-28-daagse-mortaliteit-bij-atriumfibrilleren-met-hemodynamisc/","title":"VIS-score voorspelt 28-daagse mortaliteit bij atriumfibrilleren met hemodynamische instabiliteit op de IC","published":"2026-08-12"},{"url":"https://hartvaat.nl/2026/06/02/doac-gebruik-na-ablatie-voor-atriumfibrilleren-aanhouderij-daalt-na-drie-jaar/","title":"DOAC-gebruik na ablatie voor atriumfibrilleren: aanhouderij daalt na drie jaar","published":"2026-08-11"},{"url":"https://hartvaat.nl/2026/10/15/lage-voorspelde-adherentie-verhoogt-stroke-risico-bij-af-patienten-die-starten-m/","title":"Lage voorspelde adherentie verhoogt stroke-risico bij AF-patiënten die starten met orale anticoagulatie","published":"2026-08-08"},{"url":"https://hartvaat.nl/2026/05/01/inr-zelftest-verbetert-ttr-en-vermindert-bloedingen-bij-patienten-met-atriumfibr/","title":"INR-zelftest verbetert TTR en vermindert bloedingen bij patiënten met atriumfibrilleren","published":"2026-08-01"},{"url":"https://hartvaat.nl/2026/05/06/transseptale-punctie-bij-linkshartinterventies-nieuwe-esc-consensus-over-technie/","title":"Transseptale punctie bij linkshartinterventies: nieuwe ESC-consensus over techniek, beeldvorming en complicaties","published":"2026-07-29"},{"url":"https://hartvaat.nl/2026/05/05/expanded-bij-73-verbetert-tricuspidalisinsufficientie-binnen-30-dagen-na-m-teer-/","title":"EXPANDed: bij 73% verbetert tricuspidalisinsufficiëntie binnen 30 dagen na M-TEER — zonder directe TR-interventie","published":"2026-06-26"},{"url":"https://hartvaat.nl/2026/02/03/ultrakorte-radiofrequentieablatie-voor-vena-cava-superior-isolatie/","title":"Ultrakorte radiofrequentieablatie voor vena cava superior-isolatie","published":"2026-04-11"},{"url":"https://hartvaat.nl/2026/03/03/wereldwijde-toename-atriumfibrilleren-treft-steeds-vaker-jongere-volwassenen/","title":"Wereldwijde toename atriumfibrilleren treft steeds vaker jongere volwassenen","published":"2026-03-29"},{"url":"https://hartvaat.nl/2026/03/26/kunstmatige-intelligentie-in-de-cardiovasculaire-geneeskunde-focus-op-hypertensi/","title":"Kunstmatige intelligentie in de cardiovasculaire geneeskunde: focus op hypertensie","published":"2026-03-26"},{"url":"https://hartvaat.nl/2025/01/01/antistolling-alleen-of-met-plaatjesremming-bij-coronairlijden-meta-analyse/","title":"Antistolling alleen of met plaatjesremming bij coronairlijden: meta-analyse","published":"2026-03-13"},{"url":"https://hartvaat.nl/2026/02/25/alcoholgebruik-en-het-ontstaan-van-atriumfibrilleren-dosis-risico-en-dogma-herov/","title":"Alcoholgebruik en het ontstaan van atriumfibrilleren: dosis, risico en dogma heroverwogen","published":"2026-02-25"},{"url":"https://hartvaat.nl/2026/02/23/luchtvervuiling-en-multimorbiditeit-verhogen-het-risico-op-atriumfibrilleren/","title":"Luchtvervuiling en multimorbiditeit verhogen het risico op atriumfibrilleren","published":"2026-02-23"},{"url":"https://hartvaat.nl/2023/02/08/voorspellers-van-af-recidief-na-ablatie-en-cardioversie-umbrella-review/","title":"Voorspellers van AF-recidief na ablatie en cardioversie: umbrella review","published":"2023-02-08"},{"url":"https://hartvaat.nl/2022/11/22/cva-risicoscores-bij-af-vergeleken-cha2ds2-vasc-blijft-de-beste/","title":"CVA-risicoscores bij AF vergeleken: CHA₂DS₂-VASc blijft de beste","published":"2022-11-22"},{"url":"https://hartvaat.nl/2022/09/01/af-voorspelt-cognitieve-achteruitgang-meta-analyse-van-2-8-miljoen-personen/","title":"AF voorspelt cognitieve achteruitgang: meta-analyse van 2,8 miljoen personen","published":"2022-09-01"},{"url":"https://hartvaat.nl/2018/10/01/atriumfibrilleren-bij-wild-type-transthyretine-cardiale-amyloidose-review/","title":"Atriumfibrilleren bij wild-type transthyretine cardiale amyloïdose: review","published":"2018-10-01"},{"url":"https://hartvaat.nl/2017/11/28/schildklierfunctie-en-risico-op-af-subclinische-hypothyreoidie/","title":"Schildklierfunctie en risico op AF: subclinische hypothyreoïdie","published":"2017-11-28"},{"url":"https://hartvaat.nl/2017/11/01/bloeddrukvariabiliteit-en-uitkomsten-bij-af-affirm-studie/","title":"Bloeddrukvariabiliteit en uitkomsten bij AF: AFFIRM-studie","published":"2017-11-01"},{"url":"https://hartvaat.nl/2017/08/01/nt-probnp-bij-systematische-screening-op-atriumfibrilleren/","title":"NT-proBNP bij systematische screening op atriumfibrilleren","published":"2017-08-01"},{"url":"https://hartvaat.nl/2017/02/21/genetische-obesitas-en-risico-op-atriumfibrilleren-mendeliaanse-randomisatie/","title":"Genetische obesitas en risico op atriumfibrilleren: Mendeliaanse randomisatie","published":"2017-02-21"},{"url":"https://hartvaat.nl/2016/08/01/vitamine-d-en-incidentie-van-atriumfibrilleren-de-aric-studie/","title":"Vitamine D en incidentie van atriumfibrilleren: de ARIC-studie","published":"2016-08-01"}],"as_of":"2026-03-12","licence":"Citeer vrij, met bronvermelding en een link naar hartvaat.nl (de url van het record). Samenvattingen zijn redactioneel werk van HartVaat; de oorspronkelijke publicaties blijven van hun uitgevers (doi). Geen medisch advies."}