{"id":"ischemische-cardiomyopathie","type":"kennis","url":"https://hartvaat.nl/kennis/hartfalen/ischemische-cardiomyopathie/","title":"Ischemische cardiomyopathie","kind":"Aandoening","group":"hartfalen","group_label":"Hartfalen","category":"hartfalen","meta_description":"Ischemische cardiomyopathie is de meest voorkomende oorzaak van HFrEF. Leer het onderscheid met DCM, de rol van viabiliteitsonderzoek en de indicaties voor revascularisatie.","intro":"Ischemische cardiomyopathie is systolisch hartfalen (EF &lt;50%) als gevolg van coronairlijden, met of zonder doorgemaakte myocardinfarcten. Het is de meest voorkomende oorzaak van hartfalen wereldwijd. Het onderscheiden van ischemische versus niet-ischemische oorzaken heeft therapeutische implicaties, met name voor revascularisatiebeslissingen.","key_terms":[{"term":"Ischemische cardiomyopathie","definition":"LV-disfunctie en dilatatie als directe consequentie van coronairlijden; EF <50% met significante coronaire stenosen of doorgemaakte infarcten."},{"term":"Hibernerend myocard","definition":"Chronisch hypoperfundeerd maar nog vitaal myocard met verminderde contractiliteit; kan herstellen na succesvolle revascularisatie."},{"term":"Late gadolinium enhancement (LGE)","definition":"MRI-techniek die myocardiale fibrose/necrose visualiseert; subendocardiale LGE past bij ischemische oorzaak."},{"term":"STICH-trial","definition":"RCT (2011/2016 follow-up) die aantoonde dat CABG + medicatie bij ischemische CMP met EF ≤35% op lange termijn mortaliteitsvoordeel geeft vs. medicatie alleen."},{"term":"Viabiliteitsonderzoek","definition":"PET, dobutamine-echo of MRI om hibernerend myocard aan te tonen; selecteert patiënten die baat hebben bij revascularisatie."}],"heading":"Ischemische cardiomyopathie: pathofysiologie, diagnostiek en revascularisatie","body_markdown":"## Definitie en prevalentie\n\nIschemische cardiomyopathie (ICM) omvat alle vormen van LV-disfunctie die primair worden veroorzaakt door myocardischemie. In westerse landen is dit de meest voorkomende oorzaak van HFrEF (40–50% van alle gevallen). ICM onderscheidt zich van DCM door aanwezig coronairlijden en/of echocardiografische/MRI-kenmerken van doorgemaakte ischemie.\n\n## Pathofysiologie\n\nNa myocardinfarct treedt progressieve remodellering op: infarctzone wordt fibrotisch, peri-infarctzone vertoont compensatoire hypertrofie, niet-aangedane gebieden dilateren. Myocardstunning (reversibel na acute ischemie) en hibernatie (chronisch reversibel bij herhaalde ischemie) zijn belangrijk: hibernerend myocard kan na revascularisatie herstellen.\n\n## Diagnostiek\n\nEchocardiografie: regionale wandbewegingsstoornissen in coronaire distributiegebieden, thinning van littekengebieden. Cardiale MRI: subendocardiale LGE in coronairpatroon bevestigt ischemische origine; transmuraal LGE (>50% wanddikte) wijst op niet-vitale regio. Coronairangiografie of CT-coronairen om coronairlijden te bevestigen en anatomie te beoordelen. Viabiliteitsonderzoek (PET FDG, dobutamine-echo, MRI) bij twijfel over herstelcapaciteit.\n\n## Revascularisatie\n\nSTICH (2011): CABG + medicamenteuze therapie vs. medicatie alleen bij EF ≤35% + coronairlijden. Na 10 jaar follow-up (STICHES): significant mortaliteitsvoordeel voor CABG. Subgroepanalyse suggereerde groter voordeel bij aanwezige myocardviabiliteit, hoewel dit niet statistisch significant was. Huidige richtlijn (ESC 2021 Hartfalen): overweeg revascularisatie bij ICM + EF <35% na individuele risicoafweging.\n\n## Medicamenteuze behandeling\n\nIdentiek aan HFrEF: quadruple therapie (ACE-remmer/ARNI + bètablokker + MRA + SGLT2-remmer). Aanvulling: statine, antitrombotische therapie conform ACS/SCAD-richtlijnen. ICD bij persisterende EF ≤35% na ≥3 maanden optimale therapie (klasse I ESC 2021).","related":["https://hartvaat.nl/kennis/hartfalen/hfref-hartfalen-met-verminderde-ejectie/","https://hartvaat.nl/kennis/hartfalen/dilaterende-cardiomyopathie/","https://hartvaat.nl/kennis/hartfalen/icd-bij-hartfalen/","https://hartvaat.nl/kennis/hartfalen/echocardiografie-bij-hartfalen/"],"sources":[{"label":"ESC 2021 Guidelines for Heart Failure","url":"https://doi.org/10.1093/eurheartj/ehab368"},{"label":"STICH Trial — NEJM 2011","url":"https://doi.org/10.1056/NEJMoa1100356"},{"label":"STICH Viability Substudy — NEJM 2011","url":"https://doi.org/10.1056/NEJMoa1100358"}],"articles":[{"url":"https://hartvaat.nl/2026/07/31/uit-het-hospitaal-hartstilstand-komt-12-keer-vaker-voor-bij-niet-ischemische-car/","title":"Uit-het-hospitaal hartstilstand komt 12 keer vaker voor bij niet-ischemische cardiomyopathie — registerstudie","published":"2026-08-16"},{"url":"https://hartvaat.nl/2026/05/05/cmr-laci-21-identificeert-hoogrisicopatienten-met-hfref-onafhankelijk-van-lvef-e/","title":"CMR-LACI ≥21% identificeert hoogrisicopatiënten met HFrEF — onafhankelijk van LVEF en LGE","published":"2026-06-30"},{"url":"https://hartvaat.nl/2026/05/22/autosomaal-dominante-alport-syndroom-meest-voorkomende-monogene-nierziekte-1-van/","title":"Autosomaal dominante Alport-syndroom: meest voorkomende monogene nierziekte (1% van de bevolking)","published":"2026-06-07"},{"url":"https://hartvaat.nl/2026/05/22/lge-granulariteit-op-cmr-voorspelt-sterfte-bij-eindstadium-hypertrofische-cardio/","title":"LGE-granulariteit op CMR voorspelt sterfte bij eindstadium hypertrofische cardiomyopathie","published":"2026-06-06"},{"url":"https://hartvaat.nl/2016/04/21/coronaire-bypasschirurgie-bij-ischemische-cardiomyopathie-nejm-stich-trial/","title":"Coronaire bypasschirurgie bij ischemische cardiomyopathie: NEJM STICH-trial","published":"2016-04-21"}],"as_of":"2026-03-12","licence":"Citeer vrij, met bronvermelding en een link naar hartvaat.nl (de url van het record). Samenvattingen zijn redactioneel werk van HartVaat; de oorspronkelijke publicaties blijven van hun uitgevers (doi). Geen medisch advies."}