# ESC-richtlijn Ventriculaire ritmestoornissen en plotse hartdood 2022

*Richtlijnen · Richtlijn · https://hartvaat.nl/kennis/richtlijnen/esc-richtlijn-ventriculaire-ritmestoornissen-2022/*

De ESC-richtlijn 2022 voor ventriculaire ritmestoornissen en plotse hartdood (SCD) biedt een uitgebreid kader voor risicostratificatie en ICD-implantatie bij diverse cardiomyopathieën en kanaalziekten. Nieuwe secties behandelen geneesmiddelengeïnduceerde aritmieën, sport en ritmestoornissen, en de rol van katheterablatie bij VT.

## Kernbegrippen

- **Plotse hartdood (SCD)**: Onverwacht overlijden door cardiale oorzaak binnen 1 uur na begin van symptomen; meest frequent veroorzaakt door ventrikelfibrilleren.
- **ICD (implanteerbare cardioverter-defibrillator)**: Apparaat dat VT/VF detecteert en behandelt met anti-tachycardiepacing of shock; primaire of secundaire preventie SCD.
- **Wearable cardioverter-defibrillator (WCD)**: Draagbare defibrillator bij tijdelijk verhoogd SCD-risico (bijv. 40 dagen post-MI of na DCM-diagnose vóór herevaluatie EF).
- **VT-storm**: ≥3 afzonderlijke VT/VF-episodes binnen 24 uur; levensbedreigende situatie; behandeling: sedatie, bèta-blokker, amiodaroninfuus, ablatie.
- **Brugada-syndroom**: Kanaalziekte (SCN5A-mutatie) met ST-elevatie in V1-V3 type 1; risico op VF zonder structurele hartziekte; diagnose via flecaïnide-provocatietest.

## ICD-indicaties bij HFrEF

ICD voor secundaire preventie (na overleefd VT/VF): klasse I bij alle patiënten met structurele hartziekte. ICD voor primaire preventie bij HFrEF (EF ≤35%): klasse I na ≥3 maanden optimale medicamenteuze therapie bij patiënten met NYHA II-III en verwachte overleving >1 jaar. Let op: EF-verbetering na optimale therapie (bijv. bij nieuw gediagnosticeerde DCM) kan ICD-indicatie doen vervallen — herevalueer na 3-6 maanden.

## Kanaalziekten

- Long QT-syndroom (LQTS): bèta-blokkers klasse I bij symptomatisch LQTS1 en LQTS2; ICD bij overleefd hartsstilstand of syncope ondanks bèta-blokker; nadolol of propranolol voorkeur boven metoprolol
- Brugada-syndroom: ICD bij symptomatisch Brugada (VF/syncope); asymptomatisch Brugada: ICD niet routinematig aanbevolen; quinidine kan overwogen worden
- CPVT (catecholaminerge polymorfe VT): bèta-blokkers + nadolol; flecaïnide toevoegen bij onvoldoende respons; ICD bij overleefd CA

## Katheterablatie van VT

Katheterablatie is geïndiceerd bij: (1) recidiverend monomorfe VT bij ischemische cardiomyopathie ondanks antiaritmische therapie (klasse I), (2) VT-storm (klasse I na falen medicamenteuze therapie), (3) symptomatische idiopathische VT bij structureel normaal hart (klasse I). Succes bij ischemische VT ~70-80%; recidief frequent bij uitgebreide LV-fibrose.

## Speciale populaties

- Atleten met ventriculaire aritmieën: sportrestrictie tot volledige evaluatie; terugkeer tot sport na succesvolle ablatie of ICD-implantatie — gedeelde besluitvorming
- Post-MI: ICD pas na ≥40 dagen voor primaire preventie (DINAMIT: vroeg ICD geen mortaliteitsvoordeel); WCD als overbrugging indien EF <35% direkt post-MI
- DCM nieuw gediagnosticeerd: herevalueer EF na 3 maanden optimale therapie; veel patiënten met LMNA-mutatie hebben vroeg ICD-indicatie ongeacht EF

## Bronnen

- ESC 2022 Ventricular Arrhythmia & SCD Guidelines — EHJ https://doi.org/10.1093/eurheartj/ehac262
- ESC 2023 Cardiomyopathies Guidelines (ICD-indicaties) https://doi.org/10.1093/eurheartj/ehad194
- ESC 2021 HF Guidelines https://doi.org/10.1093/eurheartj/ehab368
- Farmacotherapeutisch Kompas — Antiaritmica https://www.farmacotherapeutischkompas.nl/

---
Kennispagina, stand 2026-03-12. Citeer vrij, met bronvermelding en een link naar hartvaat.nl (de url van het record). Samenvattingen zijn redactioneel werk van HartVaat; de oorspronkelijke publicaties blijven van hun uitgevers (doi). Geen medisch advies.
