{"id":"carotisstenose","type":"kennis","url":"https://hartvaat.nl/kennis/vasculair/carotisstenose/","title":"Carotisstenose: indicatie voor endarteriëctomie of stenting","kind":"Aandoening","group":"vasculair","group_label":"Vasculair","category":"algemeen","meta_description":"Carotisstenose kan een beroerte veroorzaken door embolisatie of hemodynamisch. Symptomatische stenose 50-99% is indicatie voor carotisendarterectomie binnen 14 dagen na TIA of beroerte.","intro":"Atherosclerotische carotisstenose is een belangrijke oorzaak van ischemische beroerte, verantwoordelijk voor 15-20% van alle ischemische beroertegevallen. Symptomatische hoge-graad stenose vereist snelle interventie: de NNT voor carotisendarterectomie (CEA) is laag binnen de eerste weken na het neurologisch event.","key_terms":[{"term":"NASCET-criteria","definition":"North American Symptomatic Carotid Endarterectomy Trial: stenosegraad gemeten als verhouding residuaal lumen / distaal normaal lumen; 50-99% symptomatic = indicatie CEA."},{"term":"Carotisendarterectomie (CEA)","definition":"Chirurgische plaqueverwijdering uit de arteria carotis; klasse I bij symptomatische stenose 50-99% binnen 14 dagen; 30-dagenmortaliteit/beroerte &lt;3% in gespecialiseerde centra."},{"term":"Carotisstenting (CAS)","definition":"Percutane stentplaatsing in de arteria carotis; alternatief voor CEA bij hoog chirurgisch risico, ongunstige anatomie of contra-indicatie CEA; hoger beroerterisico peri-procedureel bij ouderen."},{"term":"Asymptomatische carotisstenose","definition":"≥60-70% stenose zonder ipsilaterale neurologische symptoms; jaarlijks beroerterisico ~1-2%; CEA vs. medicamenteus: individuele afweging."},{"term":"Duplexechografie carotis","definition":"Eerste diagnostisch onderzoek; piekstroomsnelheid >125 cm/s en PSV/EDV-ratio suggestief voor ≥50% stenose; MRA/CTA voor chirurgische planning."}],"heading":"Carotisstenose: indicatie voor endarterectomie of stenting","body_markdown":"## Pathofysiologie\n\nAtherosclerotische plaque in de carotisbifurcatie (overgang CCA naar ICA/ECA) kan beroerte veroorzaken via: (1) arterie-tot-arterie embolisatie van trombus of plaquemateriaal naar intracraniale vaten, (2) hypoperfusie bij hemodynamisch significante occlusie. Plaqueruptuur en oppervlaktetrombose zijn de meest frequente mechanismen.\n\n## Diagnostiek\n\nDuplexechografie: eerste stap; PSV >125 cm/s suggereert ≥50% stenose; PSV >230 cm/s ≥70% stenose; ICA/CCA-ratio >4 suggereert ≥80%. CTA of MRA van aortaboog tot Circle of Willis: noodzakelijk vóór CEA voor complete anatomische planning en uitsluiting tandemstenose.\n\n## Symptomatische carotisstenose: behandeling\n\n- 50-69% stenose (NASCET): CEA klasse IIa binnen 14 dagen; voordeel alleen bij mannen >75 jaar en bij directe uitvoering; vrouwen en jongere mannen: minder duidelijk benefit\n- 70-99% stenose: CEA klasse I binnen 14 dagen; NNT voor voorkómen beroerte over 5 jaar: ~6-10\n- <50% stenose: CEA niet geïndiceerd; medicamenteus beleid\n\n## CEA vs. CAS\n\nICSS en CREST-trials: CEA superieur aan CAS voor symptomatische stenose bij ouderen (>70 jaar): lager peri-procedureel beroerterisico. Bij <70 jaar: vergelijkbaar. CAS bij: hoog chirurgisch risico (halsbestraling, restenosenaoperatie, ICA-hoog), contralaterale nervus recurrensparese, of chirurgisch ontoegankelijke laesie.\n\n## Asymptomatische carotisstenose\n\nJaarlijks beroerterisico met optimale medische therapie (statine + antiplatelets + RRF-behandeling): ~1% — vergelijkbaar met perioperatief CEA-risico in gespecialiseerde centra. CEA: selectief overwegen bij mannen <75 jaar, stenose ≥70%, laag chirurgisch risico, in centrum met perioperatief beroerte/sterfterisico <3%. Plaque-imaging (echo met contrastversterking of MRI) kan intraplaque-hemorragie aantonen en risicostratificatie verbeteren.","related":["https://hartvaat.nl/kennis/vasculair/ischemische-beroerte-tia/","https://hartvaat.nl/kennis/vasculair/duplex-echografie-arterieel/","https://hartvaat.nl/kennis/vasculair/perifeer-arterieel-vaatlijden/","https://hartvaat.nl/kennis/vasculair/esc-richtlijn-perifeer-arterieel-2017/"],"sources":[{"label":"NASCET Trial (CEA bij symptomatische stenose) — NEJM 1991","url":"https://doi.org/10.1056/NEJM199108153250701"},{"label":"ESC 2017 Peripheral Arterial Diseases Guidelines — EHJ","url":"https://doi.org/10.1093/eurheartj/ehx095"},{"label":"ESC 2024 Aortic & Peripheral Arterial Diseases Guidelines — EHJ","url":"https://doi.org/10.1093/eurheartj/ehae179"},{"label":"Farmacotherapeutisch Kompas — Antiplatelets / statines","url":"https://www.farmacotherapeutischkompas.nl/"}],"articles":[{"url":"https://hartvaat.nl/2016/03/17/langetermijnresultaten-van-stenting-versus-endarteriectomie-bij-carotisstenose/","title":"Langetermijnresultaten van stenting versus endarteriëctomie bij carotisstenose","published":"2016-03-17"}],"as_of":"2026-03-12","licence":"Citeer vrij, met bronvermelding en een link naar hartvaat.nl (de url van het record). Samenvattingen zijn redactioneel werk van HartVaat; de oorspronkelijke publicaties blijven van hun uitgevers (doi). Geen medisch advies."}