{"id":"kennis-pathofysiologie-af","type":"question","kind":"kennis","url":"https://hartvaat.nl/vragen/kennis-pathofysiologie-af/","question":"Wat moet een zorgprofessional weten over Pathofysiologie van atriumfibrilleren: triggers en substraat?","answer_markdown":"De pathofysiologie van atriumfibrilleren berust op het samenspel van triggers — ectopische impulsen, meest afkomstig uit de pulmonaalvenen — en een atraal substraat van fibrose, elektrische remodellering en verstoring van de calciumhomeostase. Begrip van deze mechanismen is de basis voor katheterablatie (eliminatie triggers) en moderne farmacotherapie.\n\nKernbegrippen:\n\n- **Pulmonaalvene-triggers**: Ectopische focale activering vanuit de myo-cardiale manchetten rond de pulmonaalvene-ostia; meest frequente trigger voor het initiëren van AF.\n- **Atriale fibrose**: Interstitieel collageen in het atrium als gevolg van oxidatieve stress, inflammatie en mechanische rek; vormt heterogeen substraat voor reentrie en AF-persistentie.\n- **Electrical remodeling**: Verkorting van de atriale actiepotensduur en refractaire periode door chronische tachycardie bij AF: 'AF begets AF' — eenmaal aanwezig behoudt AF zichzelf.\n- **Calcium-overload**: Intracellulaire Ca²+-overbelasting bij AF door veranderde Ca²+-kanaalregulatie; bevordert ectopische activering (afterdepolarisaties) en elektrische instabiliteit.\n- **Autonome modulatie**: Het autonome zenuwstelsel (vagale en adrenerge zenuwuitlopers naar het atrium) moduleert AF-inductie; hoge vagale tonus bevordert AF bij nacht/sport; adrenerge pieken triggeren AF bij stress.\n\nNieuwste evidence op HartVaat:\n\n- 2026-08-12: [Pulsfield-ablatie levert betere vrijwaring van recidief dan cryoballoon bij paroxysmale AF — SINGLE SHOT CHAMPION](https://hartvaat.nl/2026/06/02/pulsfield-ablatie-levert-betere-vrijwaring-van-recidief-dan-cryoballoon-bij-paro/)\n- 2026-08-11: [Autonoom remodelling vormt onafhankelijk domein binnen atriale cardiomyopathie](https://hartvaat.nl/2026/06/02/autonoom-remodelling-vormt-onafhankelijk-domein-binnen-atriale-cardiomyopathie/)\n- 2026-07-28: [Multimodale beeldvorming verheldert atriumfibrilleren bij infiltratieve cardiomyopathieën](https://hartvaat.nl/2026/05/25/multimodale-beeldvorming-verheldert-atriumfibrilleren-bij-infiltratieve-cardiomy/)\n- 2024-12-17: [Ablatiestrategie bij AF-recidief na duurzame PVI](https://hartvaat.nl/2024/12/17/ablatiestrategie-bij-af-recidief-na-duurzame-pvi/)\n- 2016-09-13: [Ganglionplexusablatie bij gevorderd atriumfibrilleren: de AFACT-studie](https://hartvaat.nl/2016/09/13/ganglionplexusablatie-bij-gevorderd-atriumfibrilleren-de-afact-studie/)","sources":[{"label":"Kennispagina","url":"https://hartvaat.nl/kennis/atriumfibrilleren/pathofysiologie-af/"},{"label":"ESC 2024 AF Guidelines","url":"https://doi.org/10.1093/eurheartj/ehae272"},{"label":"Haïssaguerre et al. — Ectopic Foci Originating from Pulmonary Veins — NEJM 1998","url":"https://doi.org/10.1056/NEJM199809033391003"},{"label":"ESC 2020 AF Guidelines","url":"https://doi.org/10.1093/eurheartj/ehaa612"}],"as_of":"2026-03-12","about":"https://hartvaat.nl/kennis/atriumfibrilleren/pathofysiologie-af/","licence":"Citeer vrij, met bronvermelding en een link naar hartvaat.nl (de url van het record). Samenvattingen zijn redactioneel werk van HartVaat; de oorspronkelijke publicaties blijven van hun uitgevers (doi). Geen medisch advies."}