Praktijk

Antistolling bij chronische nierziekte

Chronische nierziekte verhoogt zowel het trombo-embolisch als het bloedingsrisico — een dubbelzijdig dilemma bij antistollingsbeslissingen. Farmacokinetische veranderingen bij CKD beïnvloeden de klaring van alle anticoagulantia, met name dabigatran (80% renaal) en LMWH. Dosisaanpassing en regelmatige nierfunctiecontrole zijn essentieel.

Kernbegrippen

Uremische trombocytopathie
Verminderde trombocytenfunctie bij CKD door accumulatie van uremische toxines; verhoogt bloedingsrisico ook bij normale trombocytentelling.
Apixaban bij CKD
Best gedocumenteerde DOAC bij ernstige CKD (eGFR 15-29): dosisreductiecriteria (leeftijd ≥80 + gewicht ≤60 kg of creatinine ≥133 µmol/l); off-label gebruik, maar meest gebruikt bij eGFR 15-29.
Warfarine-gerelateerde nefropathie
Supratherapeutisch INR bij CKD kan glomerulaire micro-trombose veroorzaken; acute versnelling van CKD-progressie als complicatie van VKA.
VTE bij dialysepatiënten
Dialysepatiënten zijn uitgesloten van DOAC-trials; VKA is de standaard maar TTR is lager bij hemodialyse door wisselende vitamine K-inname; UFH/LMWH per dialysesessie alternatieven.

Antistolling bij chronische nierziekte: farmacologie, keuze en monitoring

Farmacokinetische implicaties van CKD

Renale klaring van anticoagulantia varieert sterk: dabigatran 80%, edoxaban 50%, rivaroxaban 35%, apixaban 27%, UFH ~0% (hepatisch/reticuloendotheliaal), VKA <5% (vrijwel volledig hepatisch). Dit bepaalt direct de mate van accumulatie bij nierinsufficiëntie en het risico op bloedingen bij ongewijzigde dosering.

DOAC-keuze per eGFR

VKA bij CKD

VKA is historisch de standaard maar heeft beperkingen bij CKD: TTR is lager door wisselende vitamine K-status, uremische pharmacodynamische effecten, interacties. Warfarine-nefropathie (supratherapeutisch INR) versnelt CKD-progressie. Bij eGFR 15-59 tonen observationele studies geen consistent voordeel van DOAC boven VKA voor AF; bij eGFR <15 is VKA standaard.

Monitoring

Controleer nierfunctie minimaal eenmaal per jaar bij DOAC; frequenter bij acute ziekte, dehydratie of dosisaanpassingsindicaties. Dabigatran: specifiek richtlijn 12/(geschatte jaarlijkse GFR-daling) maanden. Streef APTT/anti-Xa bij UFH-gebruik bij HD onveranderd.

Bronnen

  1. KDIGO 2024 CKD Guidelines
  2. ESC 2020 AF Guidelines — DOAC bij CKD
  3. Apixaban bij dialyse (RENAL-AF) — Pokorney et al., JAMA 2020
  4. Farmacotherapeutisch Kompas — DOAC dosering bij nierinsufficiëntie

Relevante richtlijnen

Alle richtlijnen →

← Alle onderwerpen in Antistolling