Richtlijn

ESC-richtlijn Atriumfibrilleren 2024: wat is nieuw?

De ESC-richtlijn Atriumfibrilleren 2024 vervangt de richtlijn uit 2020 en introduceert het AF-CARE-pad als geïntegreerd behandelkader. Belangrijkste vernieuwingen: versterkte nadruk op upstream therapy en comorbiditeitsbehandeling, herbevestiging van vroege ritmecontrole als superieure strategie (EAST-AFNET 4), en uitbreiding van de katheterablatie-indicaties naar eerste-lijnsstrategie.

Kernbegrippen

AF-CARE pathway
ESC 2024 geïntegreerd behandelkader: Comorbidities, Anticoagulation, Rate/Rhythm control, Evidence-based symptom management — vervangt ABC-pad uit 2020.
Upstream therapy
Behandeling van modificeerbare AF-risicofactoren (hypertensie, obesitas, slaapapneu, diabetes, alcohol) als integraal onderdeel van AF-management.
Katheterablatie als eerste keuze
ESC 2024: katheterablatie klasse I als eerste-lijnsstrategie bij symptomatisch paroxysmaal AF (vervangt de eerdere klasse IIa na falen antiaritmicum).
EAST-AFNET 4-integratie
ESC 2024 versterkt de aanbeveling voor vroege ritmecontrole bij recent gediagnosticeerd AF (<1 jaar) op basis van EAST-AFNET 4 (klasse I).
Gedeelde besluitvorming
ESC 2024 benadrukt dat het AF-type (paroxysmaal vs. persisterend), klachten en patiëntwaarden de keuze voor rate vs. rhythmecontrole primair bepalen.

ESC-richtlijn Atriumfibrilleren 2024: kernwijzigingen en praktische implicaties

Van ABC-pad naar AF-CARE

De ESC 2020-richtlijn introduceerde het ABC-pad (Atrial fibrillation Better Care): Anticoagulation, Better symptomcontrol, Cardiovascular risk/Comorbidity. De 2024-richtlijn herdefinieert dit als AF-CARE: (C) Comorbidities en cardiovasculaire risicoreductie, (A) Anticoagulation, (R) Rate/Rhythm control, (E) Evidence-based symptoommanagement. De expliciete nadruk op comorbiditeitsbehandeling als gelijkwaardige pijler is de grootste conceptuele wijziging.

Upstream therapy: verhoogde prioriteit

ESC 2024 erkent als klasse I dat modificeerbare risicofactoren integraal moeten worden behandeld bij AF-management:

Ritmecontrole: vroeg en met ablatie

EAST-AFNET 4 geïntegreerd als klasse I: start vroege ritmecontrole bij recent AF (<12 maanden) met cardiovasculaire risicofactoren. Katheterablatie als eerste-lijnsstrategie voor symptomatisch paroxysmaal AF: verhoogd van klasse IIa (na falen antiaritmicum) naar klasse I in 2024. PVI superieur aan antiarritmica voor sinusritmebehoud en kwaliteit van leven (CAPTAF, CABANA).

Anticoagulatie: DOAC bevestigd

DOAC's blijven eerste keuze (klasse I) bij non-valvulair AF; geen wijziging in CHA₂DS₂-VASc-drempels. Nieuwe aandacht voor SCAF (subclinisch AF): anticoagulatie overwegen bij SCAF >24 uur + CHA₂DS₂-VASc ≥2 (klasse IIa).

Bronnen

  1. ESC 2024 AF Guidelines
  2. EAST-AFNET 4 — NEJM 2020
  3. CASTLE-AF — NEJM 2018

Relevante richtlijnen

Alle richtlijnen →

← Alle onderwerpen in Atriumfibrilleren