Aandoening

Stabiele angina pectoris: diagnose en behandeling

Stabiele angina pectoris is een reproduceerbaar, drukkend thoracaal ongemak dat optreedt bij inspanning of stress en verdwijnt met rust of nitraten. Het is de klassieke presentatie van chronisch coronairlijden (CCS) door hemodynamisch significante stenose van één of meerdere coronairarteriën. Behandeling richt zich op symptoombestrijding, preventie van ACS en verbetering van prognose.

Kernbegrippen

CCS (Chronic Coronary Syndrome)
ESC-term voor stabiele fase van coronairziekte; verving 'stabiele coronairziekte' in de richtlijn 2019/2024.
Canadische Cardiovasculaire Maatschappij (CCS)-klasse
Classificatie van anginaklachten: klasse I (alleen bij zware inspanning) tot klasse IV (bij minimale inspanning of rust).
Pre-test kans (PTP)
Klinische kans op obstructief coronairlijden vóór aanvullend onderzoek, berekend op basis van leeftijd, geslacht en type thoracaalklachten; bepalend voor diagnostische strategie.
Ranolazine
Late natriumstroom-remmer met anti-ischemisch effect, geen effect op hartfrequentie of bloeddruk; tweede keuze bij persisterende angina onder standaardtherapie.

Stabiele angina pectoris: diagnose, behandeling en revascularisatie

Klinische presentatie

Typische angina heeft drie kenmerken: (1) drukkend substernaal ongemak, (2) uitgelokt door inspanning of emotionele stress, (3) verlichting door rust of sublinguaal nitroglycerine binnen 5 minuten. Atypische angina heeft twee van drie kenmerken; niet-angineuze thoraxpijn slechts één of geen. Bij vrouwen zijn presentaties vaker atypisch. Bijkomende klachten: kortademigheid, uitstaling naar kaak, linkerarm of rug.

Diagnostisch traject

Na anamnese en lichamelijk onderzoek wordt de klinische pre-test kans berekend. Bij intermediaire PTP (15-85%) wordt beeldvormend onderzoek aanbevolen. De ESC CCS-richtlijn 2024 geeft voorkeur aan coronaire CT-angiografie als eerste stap vanwege hoge negatief voorspellende waarde en mogelijkheid tot plaquekwalificatie. Functionele imaging (MPI-SPECT, stresstechografie, PET) is een alternatief bij bekende coronairziekte of contra-indicatie voor CCTA. Bij bewezen obstructief coronairlijden of persisterende symptomen volgt invasieve angiografie met FFR-meting.

Medicamenteuze behandeling

Symptomatische therapie:

Prognostische medicatie:

Revascularisatie

PCI of CABG is geïndiceerd bij onvoldoende symptoomcontrole ondanks optimale medicamenteuze therapie, of bij bewezen uitgebreide ischemie. CABG heeft voorkeur bij drie-vatsziekte of linker hoofdstamafwijking met hoge SYNTAX-score; PCI bij één- of tweevatziekte of lage SYNTAX-score. De beslissing wordt genomen in het hartteam.

Bronnen

  1. ESC 2024 CCS Richtlijn
  2. ESC/EAS 2019 Dyslipidemie Richtlijn
  3. Farmacotherapeutisch Kompas – Nitraten

Relevante richtlijnen

Alle richtlijnen →

← Alle onderwerpen in Coronairlijden