ECG-basisprincipes: afleidingen, as en normale waarden
Het 12-kanaals ECG is het meest gebruikte diagnostische instrument in de cardiologie. Een systematische interpretatie van afleidingen, hartas, P-golf, PR-, QRS- en QT-interval, en ST-T-morfologie vormt de basis voor betrouwbare ECG-diagnostiek en voorkomt gemiste diagnoses.
Kernbegrippen
- Einthoven-driehoek
- Geometrisch model van de drie standaardafleidingen (I, II, III); levert samen met de versterkte unipolaire afleidingen (aVR, aVL, aVF) het frontale vlak.
- Precordiale afleidingen
- V1-V6: unipolaire borstkastafleidingen die het horizontale vlak van het hart weergeven; V1-V2 rechterventrikel, V3-V4 septum en apex, V5-V6 laterale wand.
- PR-interval
- Tijd van begin P-golf tot begin QRS; normaal 120-200 ms; weerspiegelt AV-geleidingstijd.
- QRS-as (hartas)
- Richting van de gemiddelde ventriculaire depolarisatievector in het frontale vlak; normaal -30° tot +90°; linksas <-30°, rechtsas >+90°.
- QTc-interval
- Frequentiegecorrigeerd QT-interval (Bazett: QT/√RR); normaal <440 ms (man), <460 ms (vrouw); verlengd bij ionkanaalziekten, medicijnen en elektrolytstoornissen.
Systematische ECG-interpretatie: afleidingen, intervallen en normale waarden
Elektrodepositie en afleidingen
Standaardafleidingen I, II, III en aVR/aVL/aVF geven het frontale vlak. Precordiale afleidingen V1-V6 het horizontale vlak. Rechtszijdige afleidingen (V3R-V4R) zijn aanvullend bij verdenking rechterventrikel-infarct. Posterieure afleidingen (V7-V9) bij verdacht posterieur STEMI.
Normale golfvormen en intervallen
- P-golf: normaal smal (<120 ms), positief in I/II/aVF; morfologie wijst op sinusoorsprong
- PR-interval: 120-200 ms; >200 ms = AV-blok graad I
- QRS-complex: normaal <120 ms; verbreed bij bundeltakblok, pre-excitatie, ventriculair ritme
- ST-segment: isoelectrisch; elevatie >1 mm (perifeer) of >2 mm (precordiaal) = pathologisch
- T-golf: positief in I/II/V3-V6; inversie wijst op ischemie, hypertrofie of andere pathologie
- QTc: normaal <440 ms (man), <460 ms (vrouw); >500 ms = hoog TdP-risico
Hartas
Normale as: -30° tot +90°. Linksas (−30° tot −90°): linker anterieur fasciculaire blok, inferieur MI. Rechtsas (+90° tot +180°): RVH, longziekte, posterieur fasciculaire blok, lateraal MI. Extreme rechtsas (−90° tot ±180°°): zeldzaam, verwisselde elektroden uitsluiten.
Systematische aanpak
Analyseer altijd in vaste volgorde: (1) ritme en frequentie; (2) hartas; (3) P-golf en PR; (4) QRS-breedte en -morfologie; (5) ST-segment; (6) T-golf; (7) QTc. Vergelijk altijd met vorige ECG's.