Geneesmiddel

Diuretica bij chronische nierziekte

Diuretica zijn bij CKD met vochtretentie en hypertensie essentieel, maar hun effectiviteit en keuze variëren met de nierfunctie. Lisdiuretica (furosemide, bumetanide, torasemide) blijven effectief ook bij lage eGFR. Thiazidediuretica verliezen hun diuretisch werkzaamheid bij eGFR <30, maar kunnen synergetisch worden gecombineerd met lisdiuretica bij diureticaresistentie.

Kernbegrippen

Lisdiureticum
Furosemide, bumetanide, torasemide; blokkeren Na-K-2Cl-cotransporter in de lis van Henle; blijven werkzaam bij lage eGFR.
Diureticaresistentie
Onvoldoende diuretisch effect ondanks adequate doseringen; bij CKD veroorzaakt door verminderde tubulaire secretie van het diureticum.
Sequentiële nefronblokkade
Combinatie van lisdiureticum + thiazide (of metolazon) bij diureticaresistentie; blokkeert twee opeenvolgende transporters; sterk gesynchroniseerd effect.
Metolazon
Thiazide-achtig diureticum dat ook bij lage eGFR werkt; uitstekende partner bij sequentiële nefronblokkade bij refractaire vochtretentie.
Torasemide
Lisdiureticum met langere halfwaardetijd dan furosemide; betere biologische beschikbaarheid (orale absorptie minder variabel); voordeel bij chronisch hartfalen.

Diureticagebruik bij CKD: keuze, dosering en resistentie

Thiaziden versus lisdiuretica bij CKD

Thiazidediuretica blokkeren de NCC in het distale tubulus. Bij eGFR <30–45 is het natriumaanbod aan dit segment zo laag dat thiaziden nauwelijks effect hebben als diureticum. Ze kunnen echter nog wel een antihypertensief effect hebben via vasodilatatie. Lisdiuretica blokkeren NKCC2 in de lis van Henle en blijven werkzaam bij lage eGFR, ook bij hemodialysepatiënten met restdiurese.

Dosering lisdiuretica bij CKD

Diureticaresistentie

Oorzaken: (1) verminderde tubulair secretie bij CKD (lisdiuretica worden actief gesecreteerd; minder secretie = minder luminale concentratie = minder effect); (2) verhoogde natriumreabsorptie in distale tubulus (compensatoire hypertrofie); (3) volume-depletiereductie door RAAS-activatie. Aanpak: hogere doseringen, continue infusie of sequentiële nefronblokkade.

Sequentiële nefronblokkade

Combineer lisdiureticum + thiazide of metolazon: blokkeer de Lis van Henle (lisdiureticum) én het distale tubulus (thiazide/metolazon) gelijktijdig. Krachtige combinatie; risico op ernstige elektrolietstoornissen (hypokaliëmie, hyponatriëmie). Gebruik bij refractaire vochtretentie, liefst in ziekenhuissetting met elektrolietmonitoring.

Bronnen

  1. ESC 2021 Hartfalen Richtlijn
  2. KDIGO 2024 CKD Richtlijn — Kidney International 2024
  3. Farmacotherapeutisch Kompas – Lisdiuretica

Relevante richtlijnen

Alle richtlijnen →

← Alle onderwerpen in Chronische nierziekte