Diagnostiek

Nierbiopsie: indicaties en interpretatie

Nierbiopsie is de gouden standaard voor histologische diagnose van primaire en secundaire glomerulonefritis, interstitiële nefritis en andere nierziekten waarbij de klinische diagnose onzeker is. Indicaties, contra-indicaties en complicaties bepalen de afweging; de ingreep wordt doorgaans door de nefroloog verricht.

Kernbegrippen

Percutane nierbiopsie
Echogeleide naaldbiopte van de nier; standaardtechniek; onder lokale anesthesie; 2–3 biopsiestaven voor licht- en elektronenmicroscopie + immunofluorescentie.
Lichtmicroscopie
Beoordeelt glomerulusstructuur, tubuli, interstitium en vaten; standaard kleuring HE, PAS, PASM, Masson trichroom.
Immunofluorescentie
Detecteert immuuncomplexdeposities (IgA, IgG, IgM, C3, C1q); essentieel voor classificatie van glomerulonefritis.
Elektronenmicroscopie
Ultrastructuur van de glomerulaire basaalmembraan en voetprocessen; vereist voor Alport-syndroom, thin GBM, amyloid.
IgA-nefropathie
Meest voorkomende primaire glomerulopathie in Europa; kenmerkt zich door mesangiale IgA-deposities; gevarieerd beloop.

Nierbiopsie: indicaties, procedure en histologische diagnosen

Indicaties

Contra-indicaties

Procedure

Echogeleide percutane biopsie onder lokale anesthesie in buikligging. Twee tot drie biopsiestaven voor drie modaliteiten: lichtmicroscopie (PAS, Masson), immunofluorescentie en elektronenmicroscopie. Na ingreep: bedrust 4–6 uur, urinecontrole, bloedruk- en bloedingsmonitoring.

Veelgestelde histologische diagnosen

Bronnen

  1. KDIGO 2024 CKD Richtlijn — Kidney International 2024

Relevante richtlijnen

Alle richtlijnen →

← Alle onderwerpen in Chronische nierziekte