Cardiovasculaire preventie bij reumatische aandoeningen
Patiënten met inflammatoire reumatische aandoeningen — met name reumatoïde artritis (RA), systemische lupus erythematosus (SLE) en psoriasisartritis (PsA) — hebben een substantieel verhoogd cardiovasculair risico door chronische inflammatie en traditionele risicofactoren. EULAR en ESC adviseren actief CV-risicomanagement als integraal onderdeel van de reumatologische zorg.
Kernbegrippen
- Reumatoïde artritis (RA) en CV-risico
- RA verdubbelt het cardiovasculaire risico; chronische synoviale inflammatie verhoogt endotheeldisfunctie en atheroscleroseprogessie; correctiefactor ×1,5 voor risicomodellen.
- mTSS-score
- Modified Total Sharp Score; röntgenscore voor gewrichtsschade bij RA; hoge score correleert met hogere CV-mortaliteit onafhankelijk van traditionele risicofactoren.
- Hydroxychloroquine
- Antimalariamiddel gebruikt bij SLE en RA; beschermend cardiovasculair effect (verbetert lipidenprofiel, antitrombotisch, anti-inflammatoir); ESC noemt het als cardiovasculair gunstig.
- JAK-remmers en CV-veiligheid
- ORAL Surveillance-trial (tofacitinib vs TNF-remmer): hogere incidentie MACE en maligniteiten bij ≥50 jaar met CV-risicofactoren; voorzichtigheid aanbevolen bij hoog-risico patiënten.
- EULAR 2015/2021 CV-aanbevelingen
- EULAR adviseert jaarlijkse CV-risicobeoordeling bij alle RA-patiënten met correctiefactor ×1,5 op de SCORE2-uitkomst.
Cardiovasculair risicomanagement bij reumatische aandoeningen
Waarom verhoogd CV-risico?
Chronische synoviale inflammatie bij RA, SLE en PsA leidt tot pro-atherogene veranderingen: endotheeldisfunctie, insulineresistentie, lipidendysfunctie (laag HDL, hoog triglyceriden) en verhoogde trombogeniciteit. Corticosteroïden (hyperglykemie, gewichtstoename, hypertensie) en NSAIDs (bloeddrukstijging, vochtretentie) dragen additioneel bij. Inflammatie-onderdrukking (TNF-remmers, IL-6-remmers) verlaagt CV-risico, maar elimineert het niet.
Risicoberekening
EULAR adviseert SCORE2-berekening bij alle RA-patiënten, vermenigvuldigd met een correctiefactor van 1,5 bij: RA-duur >10 jaar, extra-articulaire manifestaties, RF/anti-CCP-positiviteit. Dit plaatst veel RA-patiënten in een hogere risicocategorie dan de naakt score suggereert.
Behandeling van risicofactoren
- Statines: geïndiceerd bij hoog/zeer hoog CV-risico; geen interactie met de meeste DMARD's
- Antihypertensiva: corrigeer hypertensie veroorzaakt door NSAID- en corticosteroïdgebruik
- Minimaliseer corticosteroïden: chronisch gebruik verhoogt CV-risico cumulatief; streef naar de laagste effectieve dosis
- Hydroxychloroquine: voorkeur bij SLE en RA vanwege CV-gunstig profiel
- Voorzichtigheid met JAK-remmers bij ≥50 jaar met ≥1 CV-risicofactor