Claudicatio intermittens: beleid in de eerste lijn
Claudicatio intermittens — afgeleid van het Latijn voor 'hinkelen' — is het klinische syndroom van reproduceerbare inspanningspijn in kuit, dij of bil, veroorzaakt door inspanningsgebonden ischemie bij perifeer arterieel vaatlijden. Het spontane beloop is relatief gunstig: slechts 1-2% per jaar progressie naar CLI. Leefstijlinterventie en cardiovasculaire risicoreductie zijn de peilers van de eerste-lijnsbehandeling.
Kernbegrippen
- Fontaine IIa/IIb
- IIa: klachtenvrije loopafstand >200 m; IIb: <200 m; arbitraire grens maar bruikbaar voor verwijzing en revascularisatieoverweging.
- Looptraining
- Gesuperviseerd programma: lopen tot pijnonset, korte rust, herhalen; 3×/week, 45 min, 3-6 maanden; klasse I aanbeveling.
- Pseudoclaudicatio
- Lumbale spinaalstenose: beenpijn bij lopen die ook bij staan aanwezig is en verdwijnt bij zitten (niet bij stilstaan); onderscheid van vasculaire claudicatio.
- EAI na inspanning
- Daling EAI >20% na loopbandtest bevestigt hemodynamisch significante PAV bij patiënten met grensnormale rust-EAI.
- Rivaroxaban lage dosis
- Rivaroxaban 2,5 mg 2dd + aspirine 100 mg (COMPASS): 24% MACE-reductie bij chronisch coronair/PAV; klasse IIa ESC bij hoog risico PAV.
Claudicatio intermittens: beleid in de eerste lijn
Klinische diagnose
Anamnese: reproduceerbare pijn in de kuit (femoropopliteale obstructie) of bil/dij (aorto-iliacale obstructie) bij lopen, verdwijnt binnen 10 minuten bij stilstaan — dit laatste onderscheidt het van veneuze claudicatio (niet weg bij stilstaan) en lumbale stenose (gaat pas weg bij zitten). Bevestig met EAI-meting: ≤0,90 is diagnostisch.
Behandeling eerste lijn
- Rookstop: meest effectieve enkelvoudige interventie; vertraagt progressie naar CLI, verlaagt amputatierisico 3-5×; verwijs naar stoppen-met-roken programma + NRT
- Gesuperviseerde looptraining: via fysiotherapeut of loopgroep; protocol: loop tot pijn, rust, herhaal; effectiviteit te vergelijken met revascularisatie voor symptoomverlichting
- Antiplatelets: aspirine 80-100 mg/dag (of clopidogrel 75 mg/dag bij aspirine-intolerantie)
- Statine: hoge-intensiteitsstatine ongeacht uitgangs-LDL
- Bloeddruk: ACE-remmer of ARB eerste keus; bèta-blokkers niet gecontra-indiceerd bij PAV (vroeger gedacht — bewezen onjuist)
Wanneer verwijzen naar vasculaire chirurg/interventieradioloog?
- Fontaine IIb (<200 m) na 3 maanden adequate conservatieve therapie
- Progressie naar rustpijn of weefseldefect (spoed)
- Invaliderende klachten die beroepsuitoefening of dagelijks leven ernstig beperken
- Atypische presentatie of diagnostische onzekerheid
Prognose en follow-up
Spontaan beloop: 70-75% stabiele klachten over 5 jaar; 10-15% verbetering; slechts 10-15% progressie. Echter: 5-jaar sterfte 15-30% door coronaire en cerebreovasculaire events. Follow-up richt zich op: cardiovasculaire risicofactorcontrole, EAI-meting bij klinische achteruitgang, en bloeddruk-/lipidemonitoring. Jaarlijks voetonderzoek bij diabetes + PAV.