Vragen

Wat moet een zorgprofessional weten over Ischemie-reperfusieschade: mechanisme en preventie?

Paradoxaal genoeg veroorzaakt het herstel van coronaire bloedstroom na ischemie zelf aanvullende myocardschade: ischemie-reperfusieschade (IRI). Dit fenomeen is verantwoordelijk voor 30-50% van de uiteindelijke infarctgrootte na primaire PCI en is een actief therapeutisch doelwit. Mechanismen omvatten mitochondriale dysfunctie, overmatige calciuminstroom en opening van de mitochondriaal permeabiliteitstransitiepore (mPTP).

Kernbegrippen:

  • Ischemie-reperfusieschade (IRI): Aanvullende myocardschade die optreedt bij herstel van bloedstroom na ischemie, door overmatige calciuminstroom, vrije radicalen en mPTP-opening.
  • mPTP (mitochondriaal permeabiliteitstransitie pore): Niet-selectief kanaal in de binnenste mitochondriale membraan dat bij reperfusie opent door calcium-overload en oxidatieve stress, leidend tot mitochondriale zwelling en cardiomyocytnecrose.
  • No-reflow: Afwezigheid van myocardiale reperfusie ondanks hersteld epicardiaal bloedstroomherstel; veroorzaakt door microcirculatoire obstructie, oedeem en vasospasmen na PCI.
  • Ischemisch preconditioneren: Beschermend mechanisme waarbij korte ischemische episodes de myocardresistentie tegen latere langdurige ischemie verhogen; grondslag voor therapeutische conditioneringsstrategieën.

Nieuwste evidence op HartVaat:

Bronnen

Dit antwoord is automatisch samengesteld uit de inhoud van HartVaat.nl op 2026-03-12 en verandert mee met de site. Citeer vrij, met bronvermelding en een link naar hartvaat.nl (de url van het record). Samenvattingen zijn redactioneel werk van HartVaat; de oorspronkelijke publicaties blijven van hun uitgevers (doi). Geen medisch advies. Ook als JSON.