Vragen

Lp(a) meten: wanneer en waarom?

Lp(a) is een onafhankelijke, grotendeels genetisch bepaalde risicofactor die conventionele risicoscores niet meenemen. ESC 2019 beveelt eenmalige Lp(a)-meting aan bij alle volwassenen als onderdeel van het cardiovasculaire risicoprofiel. Een verhoogde Lp(a) rechtvaardigt intensivering van LDL-behandeling en intensiever follow-upbeleid.

Kernbegrippen:

  • Eenmalige meting: Lp(a) is stabiel door het leven (genetisch bepaald); meting hoeft slechts eenmaal, tenzij klinische reden voor herhaling.
  • Drempelwaarde 125 nmol/L: ESC 2019: Lp(a) >125 nmol/L (of >50 mg/dL) geldt als risicogrens; populatiepercentiel ~80e.
  • Nmol/L versus mg/dL: Twee eenheden voor Lp(a); nmol/L meet deeltjesaantal (voorkeur ESC); mg/dL meet massa; conversie is niet lineair door variabele apo(a)-isovormen.
  • Lp(a) bij jonge patiënt met HVZ: Lp(a) is bijzonder relevant bij onverklaard vroeg cardiovasculair event bij relatief laag LDL; altijd meten bij presentatie ASCVD <55 jaar.
  • Invloed op behandelbeslissing: Verhoogde Lp(a) pleit voor intensievere LDL-behandeling (lagere LDL-streefwaarden) als indirect risicorisico-offsetstrategie.

Nieuwste evidence op HartVaat:

Bronnen

Dit antwoord is automatisch samengesteld uit de inhoud van HartVaat.nl op 2026-03-12 en verandert mee met de site. Citeer vrij, met bronvermelding en een link naar hartvaat.nl (de url van het record). Samenvattingen zijn redactioneel werk van HartVaat; de oorspronkelijke publicaties blijven van hun uitgevers (doi). Geen medisch advies. Ook als JSON.