Binnen tien jaar na de diagnose type 2-diabetes krijgt 55 procent chronische nierschade of hartfalen, of overlijdt: data van 1,6 miljoen patiënten
Milaan, dinsdag 29 september. Hoe snel gaat het mis na de diagnose type 2-diabetes? Een van de eerste orale sessies van EASD 2026 gaf daar een ongemakkelijk precies antwoord op. In gegevens van ruim 1,6 miljoen Amerikaanse patiënten, gevolgd vanaf het moment van de diagnose, heeft binnen tien jaar meer dan de helft chronische nierschade of hartfalen ontwikkeld, of is overleden. Naveed Sattar (University of Glasgow), een van de leiders van het onderzoek, vat het samen als complicaties die met de tijd scherp oplopen.
De studie
Het onderzoek gebruikte Amerikaanse real-world-gegevens van 1.617.508 mensen bij wie tussen januari 2010 en maart 2024 type 2-diabetes werd vastgesteld. De gemiddelde leeftijd bij diagnose was 59 jaar, 51 procent was vrouw. Het risicoprofiel was bij de start al fors: 72 procent had dyslipidemie en 68 procent hypertensie. Bij de 13 procent van wie een BMI bekend was, lag die mediaan op 30,9. De onderzoekers volgden welke complicatie als eerste optrad en wat er daarna gebeurde.
De uitkomsten
- Binnen vijf jaar na de diagnose had 33 procent chronische nierschade of hartfalen, of was overleden. Na tien jaar was dat 55 procent.
- Nierschade was vaker de eerste complicatie (19,0 procent binnen vijf jaar) dan hartfalen (8,3 procent).
- Eén aangetast orgaan trekt het andere mee: van wie hartfalen kreeg, ontwikkelde 42 procent binnen vijf jaar ook nierschade; van wie nierschade kreeg, ontwikkelde 23 procent binnen vijf jaar hartfalen.
Duiding
De cijfers bevestigen wat het cardio-renaal-metabole denken al jaren stelt: hart en nier zijn bij diabetes geen losse complicaties maar een gedeeld traject, en het begint vroeg. Het gaat om observationele Amerikaanse data, met de beperkingen die daarbij horen: registratie in de praktijk, selectie en een populatie die niet één op één op de Nederlandse lijkt. Dat de nierschade vaker eerst komt dan hartfalen is voor de praktijk misschien de belangrijkste les, want nierschade is met een eGFR en een albumine-creatinineratio goedkoop op te sporen, terwijl hartfalen vaak pas bij klachten wordt gezien.
Wat betekent dit voor de praktijk
De boodschap is dat orgaanbescherming niet hoeft te wachten tot de complicatie er is. Jaarlijks eGFR en albumine-creatinineratio bij iedereen met type 2-diabetes, en bij afwijkingen tijdig een SGLT2-remmer en zo nodig finerenon of een GLP-1-agonist met bewezen nierbescherming. Bij klachten van kortademigheid of oedeem laagdrempelig een NT-proBNP. Juist de huisartsenpraktijk, waar de diagnose meestal wordt gesteld, heeft de sleutel tot die eerste tien jaar.
Lees ook
Wilt u op de hoogte blijven?
Gratis: de maandelijkse nieuwsbrief met het nieuwsoverzicht, en de site afgestemd op uw vakgebied.

