Aandoening

Obstructief slaapapneu en cardiovasculaire complicaties

Obstructief slaapapneu (OSA) komt voor bij 30-40% van patiënten met hypertensie en 50-70% van patiënten met hartfalen. Intermitterende hypoxie, sympathicusactivatie en intrathoracale drukswisselingen beschadigen het cardiovasculaire systeem. Herkenning en behandeling met CPAP is essentieel in de cardiologiepraktijk.

Kernbegrippen

AHI (apneu-hypopneu-index)
Aantal apneus en hypopneus per uur slaap; licht OSA: 5-15; matig: 15-30; ernstig: >30; AHI >30 geassocieerd met sterk verhoogd CV-risico.
Intermitterende hypoxie
Recurrente dalingen zuurstofverzadiging tijdens apneus; activeert HIF-1α, oxidatieve stress en sympathicus; central mechanisme voor cardiovasculaire schade.
Refractaire hypertensie en OSA
OSA-prevalentie bij refractaire hypertensie (niet gecontroleerd met ≥3 middelen) tot 80%; CPAP-behandeling verlaagt nacht-bloeddruk 3-5 mmHg.
CPAP (continuous positive airway pressure)
Behandeling eerste keus OSA; verhindert bovenste luchtwegcollaps tijdens slaap; verlaagt AHI effectief; cardiovasculair effect afhankelijk van therapietrouw (≥4u/nacht).
AF en slaapapneu
OSA verdubbelt AF-risico; CPAP verbetert AF-ritme­behandelresultaat en verlaagt recidiefkans na ablatie.

Pathofysiologische mechanismen

Tijdens een obstructieve apneu zorgt collaps van de bovenste luchtwegen voor progressieve thoracale bewegingen tegen gesloten luchtweg (Mueller-manoeuvre). Dit veroorzaakt negatieve intrathoracale druk → verhoogde LV-afterload, verminderde vulling → transmuraaldrukstijging. Tegelijk: hypoxiereactie → HIF-1α → renine-angiotensine-activering, endotheline-1-stijging, oxidatieve stress. Herstel na apneu: surge van sympathicusactiviteit → bloeddrukpiek, tachycardie, verhoogde trombocytenactiviteit.

Cardiovasculaire comorbiditeit

Diagnose in de cardiologiepraktijk

Screenvragen: snurken, witnessed apneus, overdag slaperigheid (Epworth Sleepiness Scale ≥10), ochtendhoofdpijn. STOP-BANG questionnaire: ≥3 positieve items → hoog risico; verwijs voor polygrafie of polysomnografie. Let op: patiënten met nachtelijke hypertensieve crises, AF-recidieven na elektrische cardioversie, of therapieresistente hypertensie: altijd OSA-screening.

CPAP en cardiovasculaire uitkomsten

SLEEP-HEART HEALTH STUDY en SAVE-trial: CPAP vermindert niet significant harde cardiovasculaire eindpunten in ongeselecteerde populaties. Echter: subgroepanalyses tonen voordeel bij hoge therapietrouw (≥4u/nacht) en bij patiënten met ernstig OSA (AHI >30). Bloeddrukdaling met CPAP: 2-5 mmHg systolisch; bij refractaire hypertensie: meer voordeel. Praktisch: CPAP is geïndiceerd bij symptomatisch OSA (slaperigheid, klachten) en bij matig-ernstig OSA met cardiovasculaire comorbiditeit.

Relevante richtlijnen

Alle richtlijnen →

Bronnen

Terug naar Cardiometabool