Hypertensie bij diabetes mellitus
Hypertensie treft 70–80% van de personen met type 2 diabetes mellitus en verdubbelt het cardiovasculaire risico. RAAS-blokkade is de standaard eerste keus vanwege zowel bloeddrukdaling als nefroprotectie bij microalbuminurie of proteïnurie. SGLT2-remmers bieden aanvullend cardiovasculair en renaal voordeel.
Kernbegrippen
- RAAS-blokkade bij diabetes
- ACE-remmers en ARB vertragen progressie van diabetische nefropathie onafhankelijk van bloeddrukeffect via reductie intraglomerulaire druk.
- SGLT2-remmer
- Glukosurie-inducerende middelen (empagliflozine, dapagliflozine) met aanvullende bloeddruk- en gewichtsdaling; cardiovasculair en renaal bewezen.
- Microalbuminurie
- ACR 3–30 mg/mmol; vroegste teken van diabetische nierziekte; indicatie voor RAAS-blokkade ongeacht de bloeddruk.
- Behandeldrempel bij diabetes
- ESC/NHG: start bij systolisch ≥130 mmHg bij DM; streefwaarde <130/80 mmHg indien verdragen.
- ACCORD BP-trial
- RCT type 2 DM: intensieve BP-behandeling (<120 mmHg) versus standaard (<140 mmHg); geen verschil in primaire CV-eindpunten, meer bijwerkingen.
Aanpak van hypertensie bij de patiënt met diabetes mellitus
Risicostratificatie
Hypertensie bij diabetes mellitus plaatst de patiënt automatisch in de hoog cardiovasculaire risicocategorie. Bij diabetes met eindorgaanschade (microalbuminurie, retinopathie, CKD) of >10 jaar bestaand diabetes met andere risicofactoren: zeer hoog risico. Dit dicteert aanvullende lipidentherapie (statine + ezetimib; eventueel PCSK9-remmer) naast antihypertensieve behandeling.
Behandeldrempel en streefwaarden
ESC 2024 beveelt aan te starten bij systolisch ≥130 mmHg bij patiënten met diabetes (eerder was dit ≥140). Streefwaarde: <130/80 mmHg, niet lager dan 120/70 mmHg. ACCORD-trial toonde geen extra voordeel van systolisch <120 mmHg bij type 2 DM voor de primaire eindpunten.
Middelen van keuze
- ACE-remmer of ARB: eerste keus bij alle diabetespatiënten met hypertensie, zeker bij microalbuminurie/proteïnurie
- SGLT2-remmer (empagliflozine, dapagliflozine): aanbevolen bij diabetes met HVZ, hartfalen of CKD — ook bloeddrukverlagend effect
- Calciumantagonist: goede combinatiepartner met RAAS-blokkade
- Thiazide-achtig diureticum: effectief maar mild hyperglykemisch; acceptabel bij adequate glucosecontrole
Monitoring bij diabetes
- Maandelijks ACR en eGFR in eerste jaar na start RAAS-blokkade; daarna jaarlijks
- Kalium en creatinine na start of dosisaanpassing ACE-remmer/ARB
- HbA1c: intensieve bloeddrukbehandeling vermindert niet de glycemische doelen
SGLT2-remmers: dubbel voordeel
Empagliflozine (EMPA-REG OUTCOME) en dapagliflozine (DECLARE-TIMI 58) toonden cardiovasculaire mortaliteitsreductie bij type 2 DM met HVZ. DAPA-CKD en EMPA-KIDNEY bevestigden renale bescherming ook bij lagere eGFR.
