Aandoening

Brugada-syndroom: diagnose, risicostratificatie en behandeling

Het Brugada-syndroom is een genetisch bepaalde ionkanaalziekte gekenmerkt door een specifiek ECG-patroon (coved-type ST-elevatie in V1-V3) en een verhoogd risico op ventrikelfibrilleren bij structureel normaal hart. De aandoening treft voornamelijk mannen van middelbare leeftijd en kan debuteren als plotse hartdood tijdens rust of slaap.

Kernbegrippen

Type-1 Brugada ECG
Coved-type ST-elevatie ≥2 mm in ≥1 rechterprecordiale afleiding (V1-V2), spontaan of na natriumkanaalblokker-provocatie; diagnostisch criterium.
SCN5A-gen
Het meest frequent gemuteerde gen bij Brugada-syndroom, codeert voor de alfa-subunit van het cardiale natriumkanaal (Nav1.5).
Natriumkanaalblokker-provocatietest
Farmacologische test met ajmaline (1 mg/kg IV) of flecaïnide om een Type-1 ECG-patroon te ontmaskeren bij twijfelachtig spontaan patroon.
Koorts-gerelateerd VF
Koortsperiodes kunnen het Brugada-ECG accentueren en VF uitlokken door versterkte natriumkanaalinactivatie bij hoge temperatuur.
Quinidine
Klasse Ia anti-aritmicum dat Ito-stroom blokkeert; gebruikt bij symptomatisch Brugada-syndroom als ICD-aanvulling of alternatief.

Diagnose, risicostratificatie en behandeling bij Brugada-syndroom

Diagnose

De diagnose wordt gesteld bij aanwezigheid van een spontaan Type-1 ECG-patroon of een Type-1 ECG na provocatie met een natriumkanaalblokker (ajmaline of flecaïnide), gecombineerd met minimaal één van de volgende: gedocumenteerde VF/VT, familiegeschiedenis van plotse hartdood <45 jaar, coved-type ECG bij familieleden, inductiebaarheid van VT/VF bij EPS, of nachtelijke agonale ademhaling.

Genetica

SCN5A-mutaties worden gevonden bij 20-30% van de patiënten. Meer dan 400 andere genvarianten zijn beschreven, maar klinisch bewijs voor pathogeniciteit is voor de meeste beperkt. Genetisch onderzoek is zinvol voor familieleden van aangedane patiënten (cascade screening).

Risicostratificatie

Behandeling

ICD is de enige bewezen levensreddende therapie. Subcutane ICD (S-ICD) is een alternatief bij patiënten zonder pacemakerindictie en zonder inductiebaarheid van pacing-afhankelijke ritmestoornissen. Quinidine (200 mg 3dd) kan bij veelvuldige shocks of als ICD-aanvulling worden ingezet. Katheterablatie van het epicardiale substraat in het RVOT is veelbelovend bij stormachtig beloop.

Leefstijladviezen

Vermijd koortsverlaging met profylactisch paracetamol actief nastreven bij koorts. Natriumkanaalblokkers (flecaïnide, ajmaline, procaïnamide) en tricyclische antidepressiva zijn gecontra-indiceerd. Brugadadrugs.org biedt een actuele medicatielijst.

Bronnen

  1. ESC 2022 Ventricular Arrhythmias and SCD Guidelines
  2. Brugada syndrome consensus statement — Priori et al., Europace 2022
  3. Quinidine bij Brugada — Belhassen et al., JACC 2004

Relevante richtlijnen

Alle richtlijnen →

← Alle onderwerpen in Ritmestoornissen