Alfa-blokkers bij hypertensie
Alfa-1-adrenoceptorblokkers zoals doxazosine verlagen bloeddruk via relaxatie van vasculaire gladde spiercellen. Ze zijn vierde keuze bij resistente hypertensie en hebben een bijkomend voordeel bij mannen met benigne prostaathyperplasie (BPH). Het orthostase-risico is de belangrijkste bijwerking.
Kernbegrippen
- α1-adrenoceptorblokker
- Blokkeert α1-receptoren in vasculaire gladde spiercellen, leidt tot vasodilatatie en bloeddrukdaling.
- Doxazosine
- Langwerkende α1-blokker; ook geregistreerd voor BPH; onderzocht als vergelijkingsarm in PATHWAY-2.
- Eerste-dosis-fenomeen
- Sterke initiële bloeddrukdaling (syncope-risico) na eerste gift; vermijd door lage startdosis 's avonds.
- ALLHAT-trial (α1-blokker-arm)
- Doxazosine arm stopgezet wegens verhoogd hartfalenrisico vergeleken met chloortalidoon; dit beperkte de aanbeveling als eerstekeus.
- Benigne prostaathyperplasie (BPH)
- Welgezinde prostaatvergroting bij ouderen; α1-blokkers ontspannen urethrale sfincter en verbeteren mictie.
Alfa-blokkers: toepassing en beperkingen
Werkingsmechanisme
Doxazosine en verwante middelen blokkeren selectief postsynaptische α1-receptoren in arteriolaire gladde spiercellen, wat leidt tot vasodilatatie en verlaging van de perifere vaatweerstand. In tegenstelling tot niet-selectieve alfablokkers (fenoxybenzamine) behouden ze de presynaptische α2-autoregulatie, waardoor minder reflexsinus-tachycardie optreedt.
Indicaties bij hypertensie
- Resistente hypertensie als vierde of vijfde toevoeging (na spironolacton)
- Hypertensie bij mannen met symptomatische BPH (dubbeleffect)
- Feochromocytoom (fenoxybenzamine preoperatief)
ALLHAT en de teruggeplaatste positie
De ALLHAT-trial (2000) staakte de doxazosine-arm vroegtijdig wegens een 25% hoger risico op hartfalen vergeleken met chloortalidoon, ondanks vergelijkbare coronaire eindpunten. Dit heeft alfa-blokkers permanent van eerstekeus-status verwijderd. De PATHWAY-2 trial toonde dat spironolacton effectiever was dan doxazosine als vierde antihypertensivum.
Praktisch gebruik
- Doxazosine: Start 1 mg 's avonds; ophoging naar 2–4 mg 1dd; maximaal 8 mg/dag
- Eerste-dosis-fenomeen: Instrueer patiënt over orthostase-risico na eerste gift en na dosisverhoging
- Veiligheid bij ouderen: Verhoogd valrisico bij orthostase; gebruik met voorzichtigheid
Bijwerkingen
- Orthostatische hypotensie (syncope, met name bij eerste dosis en bij ouderen)
- Perifeer oedeem
- Reflex-tachycardie (mild)
- Neusverstopping