Vragen

Wat moet een zorgprofessional weten over Cardiovasculaire preventie bij diabetes mellitus?

Diabetes mellitus type 2 verhoogt het cardiovasculaire risico twee- tot viervoudig en is een onafhankelijke determinant voor cardiovasculaire ziekte. Moderne glucoseverlagende middelen — SGLT2-remmers en GLP-1 RA — bieden cardiovasculaire voordelen onafhankelijk van glucoseregulatie en zijn een integraal onderdeel van de preventieve behandeling.

Kernbegrippen:

  • SGLT2-remmer (flozine): Natrium-glucosetransporter 2-remmer; verlaagt HbA1c, bloeddruk en lichaamsgewicht; bewezen reductie van cardiovasculaire mortaliteit en hospitalisaties voor hartfalen bij ASCVD of hoog CV-risico.
  • GLP-1 receptoragonist: Glucagon-like peptide 1 agonist (liraglutide, semaglutide, dulaglutide); verlaagt gewicht en HbA1c; bewezen reductie van major adverse cardiovascular events (MACE) bij ASCVD.
  • Cardiovasculair veiligheidsonderzoek (CVOT): Verplichte RCT bij diabetes-middelen ≥2008; heeft meerdere middelen geïdentificeerd met superioriteitsbewijs voor CV-uitkomsten (EMPA-REG, LEADER, SUSTAIN-6).
  • LDL-streefdoel bij DM: ESC: DM zonder orgaanschade = hoog risico (LDL <1,8 mmol/L); DM met orgaanschade of ≥3 risicofactoren of DM type 1 >20 jaar = zeer hoog risico (LDL <1,4 mmol/L).
  • Microalbuminurie bij DM: Albumine/creatinine ratio 30-300 mg/g; marker voor nierziekte én verhoogd CV-risico; ACE-remmer of ARB eerste keus ter remming van progressie.

Nieuwste evidence op HartVaat:

Bronnen

Dit antwoord is automatisch samengesteld uit de inhoud van HartVaat.nl op 2026-03-12 en verandert mee met de site. Citeer vrij, met bronvermelding en een link naar hartvaat.nl (de url van het record). Samenvattingen zijn redactioneel werk van HartVaat; de oorspronkelijke publicaties blijven van hun uitgevers (doi). Geen medisch advies. Ook als JSON.