Finerenon in Milaan: INFINITY-poolanalyse van 14.574 patiënten toont 24 procent minder nierfalen en 20 procent minder hartfalen of CV-sterfte, en volgens de EASD-subanalyses ongeacht HbA1c en BMI
Milaan, vrijdag 2 oktober. Finerenon, de niet-steroïdale mineralocorticoïdreceptorantagonist, kwam naar Milaan met drie presentaties en één vraag: voor wie precies? De basis is INFINITY, de gepoolde analyse van de drie afgeronde fase 3-studies die in juni in The Lancet verscheen. In Milaan werd die analyse opgedeeld naar HbA1c (woensdag) en vanochtend naar BMI (late-breaker LBA 31, Peter Rossing), met Hiddo Heerspink en David Smeijer van het UMCG als coauteurs. Donderdag kwam daar een analyse bij chronische nierschade met type 1-diabetes bij.
De basis: INFINITY
INFINITY bundelt de individuele deelnemersgegevens van FIDELIO-DKD en FIGARO-DKD (chronische nierschade met type 2-diabetes) en FIND-CKD (chronische nierschade zonder diabetes): 14.574 deelnemers, mediaan drie jaar gevolgd. De poolanalyse was vooraf gepland en geeft de kracht die de losse studies misten voor harde eindpunten en voor de vraag of diabetes het effect verandert.
- Nierfalen of een aanhoudende eGFR-daling van minstens 57 procent: hazard ratio 0,76 (p kleiner dan 0,0001).
- Nierfalen alleen: HR 0,85 (p=0,03).
- Ziekenhuisopname voor hartfalen of cardiovasculaire sterfte: HR 0,80 (p=0,0006).
- Gecombineerd nier- en hartuitkomst: HR 0,77.
- Hyperkaliëmie in lijn met de eerdere studies, zonder nieuwe veiligheidssignalen. Het effect was volgens de onderzoekers vergelijkbaar met en zonder diabetes, over de albuminuriecategorieën en bij wel of geen SGLT2-remmer.
Milaan: HbA1c en BMI
De twee EASD-analyses beantwoorden de praktijkvraag of de glykemische instelling of het gewicht het effect beïnvloedt. Volgens de presentaties is de risicoreductie consistent over de HbA1c-kwartielen en over het BMI-bereik van ongeveer 24 tot 42, in lijn met de eerdere FIDELITY-analyse naar obesitas. De volledige cijfers per subgroep zijn nog niet gepubliceerd; wij vullen ze aan zodra ze beschikbaar zijn. De analyse bij type 1-diabetes bouwt voort op FINE-ONE, de studie die eerder dit jaar liet zien dat finerenon ook bij chronische nierschade met type 1-diabetes de albuminurie verlaagt.
Duiding
De boodschap van Milaan is niet een nieuw effect maar een breder toepassingsgebied: finerenon werkt bij chronische nierschade met en zonder diabetes, ongeacht hoe goed de glucose is ingesteld en ongeacht het gewicht, en bovenop een SGLT2-remmer. Dat sluit aan bij de ADA/EASD-consensus die vanmiddag wordt gepresenteerd, waarin de SGLT2-remmer de basis vormt voor hart- en nierbescherming, een GLP-1-agonist erbij komt voor MACE en gewicht, en finerenon wordt toegevoegd bij albuminurische nierschade. De kanttekening blijft de kalium: in de poolanalyse geen nieuw signaal, in de praktijk wel een reden voor controle.
Wat betekent dit voor de praktijk
Voor de huisarts, internist en nefroloog betekent dit dat de drempel voor finerenon bij albuminurische chronische nierschade niet hoeft af te hangen van HbA1c of BMI. Nederlandse patiënten met type 2-diabetes, albuminurie en een eGFR boven 25 komen in aanmerking volgens de huidige richtlijnen; de uitbreiding naar nierschade zonder diabetes en naar type 1-diabetes wacht op registratie. Controleer kalium en eGFR bij start en na vier weken, en combineer met de SGLT2-remmer in plaats van te kiezen.
Lees ook
Dit artikel is een samenvatting van een publicatie in The Lancet. Voor het volledige artikel, alle details en referenties verwijzen wij u naar de oorspronkelijke bron.
Lees het volledige artikelWilt u op de hoogte blijven?
Gratis: de maandelijkse nieuwsbrief met het nieuwsoverzicht, en de site afgestemd op uw vakgebied.